De betekenis van de doop - Wat zegt de Bijbel?

 

De doop is door Jezus ingesteld. In Matteüs 28 lezen we: “Jezus trad naderbij en sprak tot hen, zeggende: Mij is gegeven alle macht in de hemel en op de aarde. Gaat dan henen, maakt al de volken tot mijn discipelen en doopt hen in de Naam des Vaders en des Zoons en des Heiligen Geestes en leert hen onderhouden al wat Ik u bevolen heb. En zie, Ik ben met u al de dagen tot aan de voleinding der wereld” (vers 18-20). 

Jezus’ discipelen kregen een belangrijke opdracht van Hem mee, om alle volken tot Zijn discipelen te maken. Een discipel is een volgeling van de Here Jezus. 
De doopformule wordt hier duidelijk door Jezus Zelf uitgesproken: “en doopt hen in de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.” Deze Drie zijn ÉÉN! Er staat dat wij dopen “in de Naam” (niet Namen), dit is een sterk bewijs van de Goddelijke Drie-eenheid.

Wanneer mag er gedoopt worden?
De Bijbel geeft ons een belangrijke voorwaarde voor de doop. Wie tot geloof is gekomen mag zich laten dopen! De doop van de kamerling uit Ethiopië is een duidelijk voorbeeld. In Handelingen 8 staat: “En terwijl zij onderweg waren, kwamen zij bij een water, en de kamerling zeide: Zie, daar is water; wat is ertegen, dat ik gedoopt word? En hij (Filippus) zeide: indien gij van ganser harte gelooft, is het geoorloofd. En hij antwoordde en zeide: Ik geloof, dat Jezus Christus de Zoon van God is. En hij liet de wagen stilhouden en beiden daalden af in het water, zowel Filippus als de kamerling, en hij doopte hem” (Hand. 8:36-38).

Voor degenen die nadenken over de doop. De dopeling geeft door de doop een sterk getuigenis af naar de buitenwereld, dat hij (of zij) bij de Here Jezus wil horen (vgl. Handelingen 3:41). En bij die overgave hoort de doop. Het Griekse woord voor "dopen" is baptízo. Dit betekent "dompelen” of “onderdompelen”.

Een groot teken in de hemel - Openbaring 12

Illustratie Jos Vanspauwen. Copyright HZ.
Ongetwijfeld is dit één van de moeilijkste hoofdstukken uit Openbaring. De moeilijkheid zit in het hemelteken. Veel gerespecteerde uitleggers grijpen hier terug in de tijd, omdat zij het visioen als boventijdelijk beschouwen (vers 1-5). Anderen houden vast aan de chronologische tijdlijn, door het hemelteken te betrekken op de Grote Verdrukking. Vers 1-6 wordt door hen gezien als de basistekst, waar in vers 7-18 aanvullend commentaar op wordt gegeven. Belangrijk is dat we begrijpen dat de hoofdstukken 12-14 elkaar enigszins kunnen overlappen.

De ziener bevindt zich hier in het midden van de Laatste Jaarweek. Er is dan nog drieënhalfjaar (een tijd, tijden en een halve tijd) te gaan tot het einde. Belangrijk is dat we opmerken dat vers 19 van Openbaring 11 aansluit op het hemelteken van Openbaring 12: ‘En de tempel Gods, die in de hemel is, ging open en de Ark van Zijn Verbond werd zichtbaar in Zijn tempel…’ Aansluitend hierop zag Johannes een groot teken in de hemel, namelijk een vrouw met de zon bekleed, met de maan onder haar voeten en een krans van twaalf sterren boven haar hoofd (vers 1). Wat heeft dit te zeggen?

De vrouw is Israël
Velen denken dat de vrouw een symbolisch beeld is van de Kerk of de maagd Maria. Maar de Kerk heeft geen mannelijk wezen gebaard en Maria vluchtte niet naar de woestijn, maar naar Egypte. De Schrift die Zichzelf verklaart verwijst ons naar de droom van Jozef: ‘Hij zeide: Nu heb ik weer een droom gehad, en zie, de zon, de maan en elf sterren bogen zich voor mij neer’ (Genesis 37:9). In de zon zien wij vader Jakob, in de maan moeder Rachel en in de elf sterren, waarvan Jozef de twaalfde is, de twaalf zonen van Israël. Eens zullen alle stammen Israëls zich voor de ware Jozef, Jezus Christus, neerbuigen (Zacharia 12:10). Het kan daarom niet anders dan dat de vrouw Israël is.

Waarom Israël belangrijk is

Direct na de zondeval wordt in de Bijbel een belangrijk profetische vooruitblik gegeven waarom Israël belangrijk is voor God en voor de wereld. In Genesis 3:15 lezen we over vijandschap tussen de slang en de vrouw, en over vijandschap tussen het nageslacht van de slang en het Nageslacht van de vrouw.

Israël wordt in de Bijbel vergeleken met een vrouw, waaruit de Messias zal voortkomen (Jes. 9:5). Ook lezen we dat Hij uiteindelijk de kop van de slang zal vermorzelen, en dat geeft meteen aan waarom Israël belangrijk is. Zolang de vijandschap tussen de slang en de vrouw voortduurt, zal Israël geen rust kennen. Dat verandert pas nadat de Messias Zijn voeten op de Olijfberg heeft gezet (Zach. 14:3-5; Op. 19:11-16). En als we goed letten op het profetische Woord in relatie tot Israël en de volken, dan weten we dat dat moment (zeer) nabij is. Immers, vrijwel de gehele wereld heeft bemoeienis met het Joodse volk, het land Israël en de stad Jeruzalem (Zach. 12:2-3).

Waarom heeft God juist dit volk uitgekozen en aan hen bijzondere beloften gedaan. Zeker niet omdat het groot en sterk is, of vanwege hun gehoorzaamheid. Integendeel! Velen leven in ongehoorzaamheid en het is een klein volk, een stipje op de wereldbol. De Heere heeft Israël uitverkoren, omdat uit hen de Messias zou voortkomen. Het Joodse volk zal dan ook altijd blijven bestaan en in de toekomst zelfs rijkelijk gezegend worden (2 Kor. 1:20). Ooit zal het zelfs tot voorbeeld en zegen zijn en als hoofd der naties boven alle volken verheven worden (Jer. 31:7).

De godheid van Jezus

De godheid van Jezus wordt door velen om allerlei redenen ontkend. Meestal denkt men dat Zijn bestaan slechts begon nadat Hij bij de maagd Maria werd verwekt. Men ziet Hem daarom als een schepsel, in plaats van de Schepper. De Bijbel leert echter geheel anders, namelijk dat Hij waarlijk God en waarlijk mens is (Johannes 1:1, 14).

Zijn godheid heeft altijd ter discussie gestaan. Het begon al met Zijn optreden in Israël. De Joden wilden Hem toen stenigen om godslastering, want zij zeiden: “Omdat Gij, een mens, Uzelf God maakt” (Johannes 10:33).

Jezus is Heer
Jezus is Kurios. In het Grieks betekent dit: Heer. Zo noemde Thomas Hem: “Mijn Here en mijn God” (Johannes 20:28). Als deze aanbidding Hem niet toekwam, had Jezus hem dit zeker verboden te zeggen! En wat volgens sommige geestelijke leiders in Israël echt niet kon, deed Stefanus juist wel. Toen hij gestenigd werd, bad hij: “Here Jezus, ontvang mijn geest” (Handelingen 7:59).

De eerste christenen
Zij werden vervolgd door de keizer. Het ging toen om leven of dood. Beleed men Jezus als Kurios in plaats van de keizer, dan werd men in de arena voor de wilde dieren gegooid. Dit is ook bij Ignatius gebeurd. Hij stierf tussen 110 en 117 in Rome de marteldood. Van Ignatius is bekend dat hij geloofde dat Jezus God is, dat Hij de vleesgeworden God is.
De discussie over de godheid van Jezus Christus bereikte begin vierde eeuw haar hoogtepunt. Arius was toen een populaire spreker. Hij verkondigde dat Christus niet aan God gelijk was. Hij kreeg destijds veel aanhang, waardoor velen Jezus slechts als een schepsel gingen zien. Vanwege de sterke opkomst van Arius en zijn vele volgelingen (de Arianen*), hebben de kerkleiders in die tijd besloten om voor altijd in een geloofsbelijdenis vast te leggen dat Jezus God is. Dat gebeurde in het Concilie van Nicea, in het jaar 325. De leer van de Arianen werd toen officieel als ketterij bestempeld.

Leven uit verwachting

Leven vanuit verwachting — wat betekent dat eigenlijk, en hoe ziet dat er concreet uit in het dagelijks leven? 
Wij leven in de zalige hoop waarmee wij de Here Jezus verwachten.

In deze boodschap ga ik daarop in. 
Bekijk de video hieronder: een opname uit de Koningkerk in Haarlem, 21‑06‑2026.

‘Doch dit ene mag u niet ontgaan, geliefden, dat één dag bij de Here is als duizend jaar en duizend jaar als één dag. De Here talmt niet met de belofte, al zijn er, die aan talmen denken, maar Hij is lankmoedig jegens u, daar Hij niet wil, dat sommigen verloren gaan, doch dat allen tot bekering komen.’ (2 Petrus‬ ‭3‬:‭8‬-‭9‬).

De bruiloft van het Lam: 'Wie is de bruid?' (Openbaring 19:6-10)

Illustratie Jos Vanspauwen. Copyright HZ.

Wie is de bruid van het Lam? Dit is een Bijbels onderwerp waar door diverse profetie-experts verschillend over wordt gedacht. Sommigen denken aan Israël, anderen aan de Gemeente. Voor beide visies valt het één en ander te zeggen. Duidelijk is in ieder geval dat de bruid van het Lam het Nieuwe Jeruzalem is (Openbaring 21:2; 9-10). En dat na de val van Babel de bruiloft van het Lam zal plaatsvinden.

We lezen in het Oude Testament verschillende uitdrukkingen die God voor Zijn oude verbondsvolk Israël gebruikt, bijvoorbeeld: zoon, schapen, wijnstok, bruid, koninkrijk en priesters (Exodus 4:23; 19:6; Ezechiël 34:11; Jesaja 62:5; Psalm 80:9). Het één sluit het ander niet uit. Israël is het allemaal. Zo vinden we in het Nieuwe Testament ook allerlei beelden van de Gemeente, bijvoorbeeld als: kudde, één Lichaam, Gods tempel, zonen van God, levende stenen en bruid (Handelingen 20:28; Romeinen 12:4; 1 Korintiërs 3:16; Galaten 3:26; 1 Petrus 2:5; Efeziërs 5:22-32). En ook voor de Gemeente geldt dat het één het ander niet uitsluit.
Duidelijk is toch wel dat Gods heilsplan met de Gemeente anders is dan met Israël. Immers, de Gemeente is een organisme, die geroepen en vergaderd is uit allerlei volken en talen. Haar bestemming is in de hemel (Efeziërs 1:3). Maar Israël is een land, een volk, met een eigen taal. En heeft een aardse bestemming, in het toekomstige Vrederijk (Jesaja 60:21).

Wees waakzaam en gereed

Naar de gelijkenis van de wijze en de dwaze maagden. 

De Heere Jezus sprak regelmatig in gelijkenissen, dat deed Hij om geestelijke waarheden duidelijk te maken. Zo wordt de gelijkenis over de tien maagden met een Joodse bruiloft vergeleken (Mattheüs 25:1-13). Extra nadruk ligt hierbij op waakzaamheid en gereedheid van de maagden, bij het wachten op de komst van de bruidegom.

De meeste Bijbeluitleggers zijn het er wel over eens, dat deze gelijkenis betrekking heeft op de wederkomst van Christus. Verschillend wordt er gedacht over wie de tien maagden uitbeelden. Sommigen menen bijvoorbeeld dat wij in de vijf wijze maagden de bruid van Christus moeten zien.

Wie zijn de tien maagden?
Volgens deze zienswijze wordt de helft van de gelovigen (de wijze maagden) bij Jezus’ komst opgenomen (1 Thessalonicenzen 4:13-18). De naamchristenen (de dwaze maagden) blijven achter, omdat zij wereldgelijkvormig zijn. Duidelijk is dat de Bijbel ons aanspoort Zijn komst te verwachten. Bekering van boze werken en leven uit verwachting zijn hierin onlosmakelijk met elkaar verbonden (Titus 2:11-15).
De vraag is echter tot wie de Heere Jezus Zich in de gelijkenis richt. Het gaat mijns inziens niet over de gelovigen, die tot de gemeente behoren. De tien maagden zijn namelijk een beeld van het Joodse volk, aan het einde van de grote verdrukking. Dan is het geestelijk gezien middernacht. Vervolgens komt Christus als Bruidegom terug en zien wij dat alleen de wijze maagden tot het bruiloftsfeest mogen toetreden.

Daniël - Gods weg met Israël en de volken - Nu te downloaden!

Het boek is hier te downloaden.
In februari 2010 kwamen Dick Stichter en ik met elkaar in contact, door middel van mijn website: dekoningkomt.nl
Al snel kwam Dick met het idee om samen een studieboek te gaan schrijven over Daniël. We hebben ons best gedaan om met een toegankelijke verklaring te komen. Het is een geïllustreerde verklaring geworden, met duidelijke tijdlijnen (een uitgave van Het Zoeklicht, september 2012). 

Het boek Daniël geeft ons inzicht over Gods weg met Israël en de volken. Daarin is Christus het Middelpunt in al Gods plannen. Alhoewel aan de profeet Daniël veel werd verklaard, lag er nog wel een bedekking op de profetie, waardoor ook nog veel dingen voor hem verborgen bleven. Zo werd tegen Daniël gezegd: “Maar gij, Daniël, houd de woorden verborgen, en verzegel het boek tot de eindtijd; velen zullen onderzoek doen, en de kennis zal vermeerderen” (12:4). 
Voor de gemeente van Christus (vooral in deze tijd) is dit geheel anders (Openb. 22:16). De Here bemoedigt ons en dringt er op aan om de profetieën te onderzoeken en die te bewaren in ons hart (1 Tess. 5:20 en Openb. 1:3). In tegenstelling tot Daniël werd tegen Johannes gezegd (90-96 n. Chr.): “En hij zeide tot mij: Verzegel de woorden van de profetie van dit boek niet, want de tijd is nabij” (Openb. 22:10). 

We leven in de laatste dagen, want Christus’ komst is aanstaande. Daarom is het zo belangrijk om over de toekomstige dingen te leren. Wie dat doen worden aangespoord om een heilig leven te leiden en Hem oprecht te verwachten. 
Volgens ons is het duidelijk dat we in profetische tijden leven (vgl. Matt. 24). En dat de ganse schepping in al haar delen zucht en in barensnood is (Rom. 8:22). Moeten we daar bang van worden? Nee, maar vooral ook niet onverschillig over doen (1 Tess. 5:4-6). Immers, wij hebben een zalige hoop! Wij verwachten de opname van de gemeente (1 Tess. 1:10 en 1 Tess. 4:16-17). Wat een heerlijke troost (1 Tess. 4:18).

Opname van de gemeente: Bijbelse 'escape'?

Illustratie Jos Vanspauwen. Copyright HZ.

De Opname van de Gemeente komt steeds meer ter discussie te staan. Velen geloven er niet (meer) in. Het is bedroevend dat deze zalige hoop en verwachting door sommigen wordt afgedaan met ‘wishful thinking’.

Anderen noemen de Opname vóór de Verdrukking een ontsnappingstheorie, die slechts bedacht is door mensen. Als liefhebber van het profetische Woord van God raakt het mij diep van binnen dat de ‘zogenaamde’ opname-theorie ook nog eens ‘antisemitisch’ zou zijn.

Het idee van de Opname staat niet in het Woord?
Laat duidelijk zijn dat ‘onze hoop en verwachting’, wat Het Zoeklicht ook altijd heeft verkondigd, geen wishful thinking is. Dat blijkt wel uit de volgende teksten, waarin we lezen over 1. het Vaderhuis, 2. dit sterfelijke bekleed zal worden met onsterfelijkheid, 3. wij Hem op de wolken zullen ontmoeten in de lucht, 4. ‘wij burgers van een rijk in de hemelen’ worden genoemd en 5. de Opname onze zalige hoop is:

De bedelingenleer (Het dispensationalisme)

Nog niet zolang geleden was het ‘dispensationalisme’ populair in de evangelische kringen. De laatste decennia is de belangstelling voor deze leer enorm afgenomen en wordt zelfs door velen verguisd. Begrijpelijk, vanwege de extremen die er uit voortkwamen, maar niet helemaal terecht. Zien we vooral ook niet een toename van allerlei dwaalleringen in de Gemeente? Zou dat misschien komen omdat er bijna geen kennis meer is van de leer van de bedelingen?

Bij het bestuderen van het Woord van God is het belangrijk dat we Schrift met Schrift vergelijken. Als we dat doen, verklaart de Schrift Zichzelf (2 Timoteüs 3:16-17). De meest eenvoudige uitleg is: lezen wat er staat (2 Petrus 1:20). Natuurlijk hebben we daarbij de hulp van de Heilige Geest nodig. Want zonder Gods Geest kunnen we het Woord niet goed verstaan (1 Korintiërs 2:14). Gebed is daarbij nodig. We mogen Hem vragen Zijn Woord te begrijpen en dit ook in praktische zin te verstaan, bijvoorbeeld voor in onze levenswandel (Psalm 119:105). Zo zijn veel gerespecteerde Bijbeluitleggers ervan overtuigd, dat de ‘bedelingenleer’ ons helpt om het Woord in het juiste perspectief te verstaan. Want hoewel ‘Jezus Christus gisteren en heden Dezelfde is’ (Hebreeën 13:8) doet Hij niet altijd dezelfde dingen.

De volmaakte eeuwigheid - Jeep van der Schoot

Het thema van deze video is: De volmaakte eeuwigheid

Deze video gaat over de nieuwe hemel, de nieuwe aarde en het nieuwe Jeruzalem. De Schriftgedeelten hiervoor zijn 2 Petrus 3 en Openbaring 21.

De drie dagen
Er wordt een onderscheid gemaakt tussen drie belangrijke profetische perioden: de 'dag van Christus' (de opname), de 'dag des Heren' (de grote verdrukking en het duizendjarig rijk) en de 'dag Gods' (de volmaakte eeuwigheid na het laatste oordeel).

Troost en het einde van het lijden
De diepe troost die God zal bieden, wordt benadrukt. Hij zal alle tranen afwissen, en zaken als de dood, rouw, geklaag en moeite zullen niet meer bestaan.

De stad Babel in de eindtijd - Openbaring 18-19:1-5


Illustratie Jos Vanspauwen. Arie Kleijne: Jezus komt, blz. 76.
Openbaring 17 gaat over het systeem Babel. Een voor de wereld verborgen systeem dat alle wereldheerschappijen inspireert (vers 1-2). Openbaring 18 gaat over Babel als stad. Babel was gevestigd in het land Sinear aan de grote rivier de Eufraat, ongeveer 75 km ten zuiden van Bagdad in het tegenwoordige Irak. Babel en Jeruzalem zijn vanaf het begin elkaars tegenpolen. Zo wordt in de Schrift de antichrist ‘de koning van Babel’ genoemd (Jesaja 14:4) en is Jeruzalem de stad van de grote Koning (Psalm 48:3; Matteüs 5:35).

In het gebied waar Babel was gelegen, lag eertijds waarschijnlijk de hof van Eden. Hier werd de eerste zonde begaan en begon de afvalligheid en opstand tegen God. Deze locatie had satan als hoofdkwartier gekozen in zijn opstand tegen God. De toren van Babel werd gebouwd en de mens wilde naam maken en voor zichzelf een monument en pronkwerk hebben dat tot aan de hemel moest reiken. Nimrod, ‘een geweldig jager’ en type van de antichrist, bouwde Babel en regeerde over zijn koninkrijk. Enkele bekende koningen en vorsten die Babel als hoofdstad van hun koninkrijk hebben gehad, waren bijvoorbeeld: Nebukadnezar, Kores, Ahasveros en Alexander de Grote.