![]() |
| Illustratie Jos Vanspauwen. Copyright HZ. |
Wie is de
bruid van het Lam? Dit is een Bijbels onderwerp waar door diverse
profetie-experts verschillend over wordt gedacht. Sommigen denken aan Israël,
anderen aan de Gemeente. Voor beide visies valt het één en ander te zeggen.
Duidelijk is in ieder geval dat de bruid van het Lam het Nieuwe Jeruzalem is
(Openbaring 21:2; 9-10). En dat na de val van Babel de bruiloft van het Lam zal
plaatsvinden.
We lezen in
het Oude Testament verschillende uitdrukkingen die God voor Zijn oude
verbondsvolk Israël gebruikt, bijvoorbeeld: zoon, schapen, wijnstok, bruid,
koninkrijk en priesters (Exodus 4:23; 19:6; Ezechiël 34:11; Jesaja 62:5; Psalm
80:9). Het één sluit het ander niet uit. Israël is het allemaal. Zo vinden we
in het Nieuwe Testament ook allerlei beelden van de Gemeente, bijvoorbeeld als:
kudde, één Lichaam, Gods tempel, zonen van God, levende stenen en bruid
(Handelingen 20:28; Romeinen 12:4; 1 Korintiërs 3:16; Galaten 3:26; 1 Petrus
2:5; Efeziërs 5:22-32). En ook voor de Gemeente geldt dat het één het ander
niet uitsluit.
Duidelijk is
toch wel dat Gods heilsplan met de Gemeente anders is dan met Israël. Immers,
de Gemeente is een organisme, die geroepen en vergaderd is uit allerlei volken
en talen. Haar bestemming is in de hemel (Efeziërs 1:3). Maar Israël is een
land, een volk, met een eigen taal. En heeft een aardse bestemming, in het
toekomstige Vrederijk (Jesaja 60:21).
Israël, de bruid van Jahweh
Israël wordt in het Oude Testament Gods bruid en vrouw genoemd. Door haar ontrouw is zij als een hoer, een verstotene en weduwe geworden (Ezechiël 16:32; Hosea 2:1). Het trouweloze volk kreeg een scheidbrief (Jeremia 3:8; Jesaja 50:1). Uiteindelijk zal het huwelijk hersteld worden, als ‘gans Israel’ tot bekering is gekomen (Hosea 6:1-3; Romeinen 11:25-26).
Waarschijnlijk valt dit samen met de aanvaarding van Zijn Koningschap in de hemel (Openbaring 19:6). Dan zal Israël nationaal en geestelijk hersteld worden (Ezechiël 37:15-19). Dan zullen ook die prachtige woorden van de profeet Hosea in vervulling gaan: ‘Ik zal u Mij tot bruid werven voor eeuwig: 'Ik zal u Mij tot bruid werven door gerechtigheid en recht, door goedertierenheid en ontferming’ (Hosea 2:18). Zo heeft de profeet Jesaja voorzegd: ‘maar gij zult genoemd worden: Mijn Welgevallen, en uw land: Gehuwde. Want de HERE heeft een welgevallen aan u, en uw land wordt ten huwelijk genomen’ (62:4, vgl. 54:5). De HERE (Jahweh) zal het Land ten huwelijk nemen (een aardse bruid). Hij is Israëls Man. En uit Israël is de Zoon, de Messias, geboren (Jesaja 9:5).
De bruid van
het Lam
Zo heeft God
Jahweh een aardse bruid, maar het Lam heeft ook een bruid. Die bruid wordt
fysiek uitgebeeld door een Stad in de hemel, het Nieuwe Jeruzalem. Over de
Filadelfia-gemeente lezen we: ‘Wie overwint, hem zal Ik maken tot een zuil in
de tempel Mijns Gods en hij zal niet meer daaruit gaan; en Ik zal op hem
schrijven de Naam Mijns Gods en de naam van de stad Mijns Gods, het nieuwe
Jeruzalem, dat uit de hemel nederdaalt van Mijn God, en Mijn Nieuwe naam’
(Openbaring 3:12). De Gemeenteleden wonen niet alleen in het Nieuwe Jeruzalem,
maar zijn daarvan ook de bouwmaterialen, zoals zuilen, bouwstenen en
fundamenten: ‘en laat u ook zelf als levende stenen gebruiken voor de bouw van
een geestelijk huis’ (1 Petrus 2:5, vgl. Efeziërs 2:21-22; Openbaring 21:14).
Paulus zegt: ‘Want wij weten, dat, indien de aardse tent, waarin wij wonen,
wordt afgebroken, wij een gebouw van God hebben, in de hemelen, niet met handen
gemaakt, een eeuwig huis’ (2 Korintiërs 5:1). De Here Jezus noemt dit eeuwig
huis, ‘het huis van de Vader’ (Johannes 14:2-3).
De hemelse
bruidsstad is de Gemeente. Dit is het verheerlijkte Lichaam van Christus, Zijn
bruid.
Christus en de
Gemeente: een groot geheimenis
Paulus
vergelijkt de relatie tussen man en vrouw met die van Christus en de Gemeente
(Efeziërs 5:22-33). Het huwelijk tussen man en vrouw is daarom een afschaduwing
van dat van Christus en de Gemeente. Dit was in het Oude Testament nog een
groot geheimenis (Efeziërs 5:32). In de geschiedenis van Adam en Eva zien wij
dat Eva niet alleen Adams lichaam was, maar ook zijn bruid, want Eva is uit de
man gemaakt (Genesis 2:21-24). Zo is het ook met Christus en de Gemeente.
Immers, de Gemeente is uit Christus gevormd (1 Johannes 2:29; vgl. Johannes
19:34). De Gemeente is daarom niet alleen Christus’ Lichaam, maar ook Zijn
bruid.
Paulus geeft
een sterk getuigenis, dat de Gemeente reeds met Christus verloofd is: 'Want met
een ijver Gods waak ik over u, want ik heb u verbonden aan één Man, om u als
een reine maagd voor Christus te stellen’ (2 Korintiërs 11:2). Christus zal
Zijn bruid stralend en volmaakt aan Zichzelf voorstellen (Efeziërs 5:27). Haar
zal een prachtig bruidskleed gegeven worden. De reinheid van de bruid staat pal
tegenover de grote hoer Babel: ‘en haar is gegeven zich met blinkend en
smetteloos fijn linnen te kleden, want dit fijne linnen zijn de rechtvaardige
daden der heiligen’ (Openbaring 19:8).
Nadat wij (de
Gemeenteleden) voor de rechterstoel van Christus zijn verschenen, zal openbaar
worden welke goede werken Hij door ons heeft gedaan (1 Korintiërs 3:11-15; 2
Korintiërs 5:10). Die zullen voor altijd zichtbaar zijn door middel van het
bruidskleed.
De Geest en de
bruid
In hoofdstuk 2
en 3 van het boek Openbaring zegt de Here tegen elke gemeente: ‘Wie een oor
heeft, die hore, wat de Geest tot de gemeenten zegt.’ Diezelfde Geest, Die in
de Gemeente woont, doet haar zeggen: Kom, Here Jezus!: ‘En de Geest en de bruid
zeggen: Kom!’ (Openbaring 22:17). De Heilige Geest is onlosmakelijk verbonden
met de Gemeente van Christus (1 Korintiërs 12:13). In tegenstelling tot het
huidige Israël ziet de Gemeente verlangend uit naar de ontmoeting met haar
Bruidegom, Christus Jezus, in de lucht: ‘want wij zijn burgers van een rijk in
de hemelen’(Filippenzen 3:20).
Het
bruiloftsmaal: in de hemel of op aarde?
We lezen niet
alleen over Bruidegom en bruid, maar ook over bruiloftsgasten (Openbaring
19:9). Dit zijn de vrienden van de Bruidegom (Johannes 3:29). Meestal gaat men
er van uit dat het bruiloftsmaal in de hemel wordt gevierd met de heiligen uit
het Oude Testament, zoals: Abraham, Jakob, Mozes, David, Esther, Daniël en
Johannes de Doper. Zij komen uit een andere bedeling dan de Gemeente en behoren
daarom niet tot de bruid.
Na de
huwelijksvoltrekking in de hemel kan het bruiloftsmaal op aarde gevierd worden,
in plaats van in de hemel. Het bekeerde overblijfsel uit Israël behoort dan tot
de bruiloftsgasten. Uit de volgende tekst kan worden opgemaakt dat Christus
getrouwd wederkomt (dat moet dan wel met de verheerlijkte Gemeente zijn):
‘Laten uw lendenen omgord zijn en uw lampen brandende. En gij, weest gelijk aan
mensen, die op hun heer wachten, wanneer hij van de bruiloft wederkeert, om
hem, als hij komt en klopt, terstond te kunnen opendoen’ (Lucas 12:35-37). Dan
is ook duidelijk wie de wijze maagden (de bruidsmeisjes) uitbeelden, namelijk
het gelovig overblijfsel van Israël (Matteüs 25:1-13, vgl. 22:1-14). Naast
Israël hebben de volken die toegelaten worden tot het Vrederijk ook deel aan
het bruiloftsmaal: ‘En de HERE der heerscharen zal op deze berg voor alle
volken een feestmaal van vette spijzen aanrichten, een feestmaal van belegen
wijnen: van mergrijke, vette spijzen, van gezuiverde, belegen wijnen’(Jesaja
25:6). Een heerlijk feest als inleiding op het Messiaanse Rijk van Christus:
‘Want Ik zeg u, Ik zal van nu aan voorzeker niet van de vrucht van de wijnstok
drinken, voordat het Koninkrijk Gods gekomen is’ (Lucas 22:18). ‘Ik zeg u, dat
er velen zullen komen van oost en west en zullen aanliggen met Abraham en Isaäk
en Jakob in het Koninkrijk der hemelen’ (Matteüs 8:11).
Het
bruiloftsmaal zou volgens enkele uitleggers het hele Messiaanse Rijk kunnen
omvatten, een feest dat zich uitspreidt over een periode van wel duizendjaar!
Een
alternatieve bruidsvisie
Een
alternatieve zienswijze op de bruidsvisie leert dat Israël de bruid van het Lam
is en dat de Gemeente (het Lichaam van Christus) deel heeft aan de Bruidegom
(Christus, Die Hoofd is van het Lichaam). Dit houdt volgens deze visie in dat
de Bruidegom (Christus en de Gemeente) bij de wederkomst zal huwen met Israël
(Openbaring 19:7).
In Openbaring
12 lezen we dat de vrouw (Israël), in het midden van de Laatste Jaarweek, als
Jakobs Benauwdheid is begonnen, zal vluchten naar de woestijn. Aan het einde
van Jakobs Benauwdheid komt zij tot bekering. Daarna wordt het gelovig
overblijfsel van Israël als bruid van het Lam aangenomen (Hosea 2:13-22;
Jeremia 31:2).
Het uiterlijk,
de vorm en de identiteit van het nieuwe Jeruzalem is Joods. Dat is het
zichtbare, het vrouwelijke, wat uit de hemel neerdaalt. In het nieuwe Jeruzalem
woont de Bruidegom (Christus en de Gemeente), dat is het wezenlijke, het
innerlijke in de Godsstad. Het is de vrouw die de Man omvangt (Jeremia 31:22).
Deze
bruidsvisie, die we ook bij andere gerenommeerde Bijbeluitleggers terugvinden,
mogen we mijns inziens als een serieus alternatief zien.
Het Zoeklicht nr. 22-2015 (bewerkt op 04-06-2026). Oorspronkelijke titel: De bruiloft van het Lam.

