Jezus is Heer
Jezus is Kurios. In het Grieks betekent dit: Heer. Zo noemde Thomas Hem: “Mijn Here en mijn God” (Johannes 20:28). Als deze aanbidding Hem niet toekwam, had Jezus hem dit zeker verboden te zeggen! En wat volgens sommige geestelijke leiders in Israël echt niet kon, deed Stefanus juist wel. Toen hij gestenigd werd, bad hij: “Here Jezus, ontvang mijn geest” (Handelingen 7:59).
Zij werden vervolgd door de keizer. Het ging toen om leven of dood. Beleed men Jezus als Kurios in plaats van de keizer, dan werd men in de arena voor de wilde dieren gegooid. Dit is ook bij Ignatius gebeurd. Hij stierf tussen 110 en 117 in Rome de marteldood. Van Ignatius is bekend dat hij geloofde dat Jezus God is, dat Hij de vleesgeworden God is.
De meest vooraanstaande Persoon
Christus wordt in de Bijbel de Eerstgeborene genoemd (Hebreeën 1:6). Sommigen zeggen daarom dat Hij een schepsel is. Zij geloven niet dat Hij aan God gelijk is. Dit zijn slechte argumenten. Onze Heer en Heiland heeft Zichzelf als mens vernederd. Voor Zijn menswording was Hij in de gestalte van God. In Filippenzen 2:6 zegt Paulus: “Die, in de gestalte Gods zijnde, het Gode gelijk zijn niet als een roof heeft geacht.”
Inderdaad, Hij is de Eerstgeborene. Dit betekent niet dat Hij geschapen is. Het betekent dat Hij de allerbelangrijkste is. Hij is de meest vooraanstaande Persoon van het hele universum. Daarom noemt de Bijbel Hem ook “de Eerste”. Hij is het begin van alles. Paulus kon daarom belijden: “en Hij is vóór alles en alle dingen hebben hun bestaan in Hem” (Kolossenzen 1:17).
De meest vooraanstaande Persoon in het Oude Testament is God (Jesaja 42:8). Alleen Hem komt alle aanbidding en eer toe. In het Nieuwe Testament zien wij dat dit ook Christus toekomt. De Vader en de Zoon zijn immers onlosmakelijk verbonden in de Drie-eenheid van God. Daarom kon de Here Jezus ook zeggen: “Wie Mij gezien heeft, heeft de Vader gezien” (Johannes 14:9).
Wie de Zoon niet eert
De Vader is niet jaloers als wij veel aandacht aan de Zoon besteden. We hoeven daar niet bang voor te zijn. Jezus gaf Zelf dit getuigenis: “Ik en de Vader zijn één” (Johannes 10:30). De profeet Jesaja noemt Hem al bijzonder: “Wonderlijk, Raadsman, Sterke God, Eeuwige Vader, Vredevorst” (Jesaja 9:5, HSV). Dit zegt heel veel over Wie Hij is.
Wie zich alleen tot God richt, slaat de plank volledig mis. Velen in de wereld spreken over God. Over welke god hebben zij het dan? En wie is de Here Jezus voor hen? Een relatie met God is alleen mogelijk door Jezus Christus. Hij is de Middelaar. We moeten de Zoon eren. We moeten Hem erkennen als Heer.
Een goede vriend van mij, een gepensioneerde dominee, heb ik gevraagd om naar de grondtekst te kijken van de “Ik Ben”-uitspraken van Jezus Christus. Dat is heel interessant. In het Grieks betekent ego 'ik' en eimi staat voor 'ik ben'. Bijzonder is dat er in de grondtekst “ego eimi” staat. Dit betekent dat je de nadruk op 'Ik' moet leggen. Je zou dus kunnen zeggen dat Jezus zei: “Ik, Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven”(Johannes 14:6). Het gaat erom dat de klemtoon op 'Ik' moet liggen. Dit betekent dat er buiten de Here Jezus geen ander is Die is wat Hij allemaal is. Alleen Jezus, alleen Hij, kon deze dingen van Zichzelf getuigen: “Ik, Ik Ben”.
- “Ik ben het Brood des leven” (Johannes 6:35).
- “Ik ben het Licht der wereld” (Johannes 8:12).
- “Ik ben de Deur der schapen” (Johannes 10;7)
- “Ik ben de goede Herder” (Johannes 10:11).
- “Ik ben de Opstanding en het Leven” (Johannes. 11:25).
- “Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven” (Johannes. 14:6).
- “Ik ben de ware Wijnstok” (Johannes. 15:1).
Toen de gerechtsdienaren bij Jezus kwamen om Hem gevangen te nemen, vielen zij achterover. Dit gebeurde nadat Hij tot hen zei: “Ik ben het” (Johannes 18:6). Hoe kon dit gebeuren? Wat heeft dit te zeggen? Het betekent dat de Eeuwige en Waarachtige voor hen stond! Hij is Immanuël. Hij is de “Ik Ben”, geopenbaard in het vlees. In de Persoon van de Here Jezus heeft Hij onder Zijn volk getabernakeld (Johannes 1:14). Daarom kon de apostel Paulus van Hem getuigen:
- “want in Hem woont al de volheid der godheid lichamelijk” (Kolossenzen 2:9).
- “Hij is het Beeld van de onzichtbare God” (Kolossenzen 1:15).
- “En buiten alle twijfel, groot is het geheimenis van de godsvrucht: God is geopenbaard in het vlees” (1 Timoteüs 3:16, HSV).
Jezus komt spoedig! Maranatha!
Kanttekening:
* De Arianen zijn theologisch gezien voorlopers van de Jehovah's Getuigen (het Wachttorengenootschap). Zij ontkennen de Drie-eenheid van God en geloven niet dat de Here Jezus de eeuwige Zoon is, maar het hoogste schepsel van God de Vader.
