De oorlog van Gog en Magog - De eerstvolgende gebeurtenis op Gods profetische kalender? - (Ezechiël deel 3)

Bij het bestuderen van Bijbelse profetie over de eindtijd, behoren Ezechiël 38 en 39 tot de moeilijkste hoofdstukken. Er kunnen vragen komen over wie of wat Gog nu precies is. En wat velen bezighoudt is wanneer deze vreselijke oorlog nu daadwerkelijk plaatsvindt. 

Onder degenen die menen dat Gods plannen met Israël zijn afgedaan, blijven het slechts gesloten hoofdstukken; zij weten er ten diepste geen raad mee.
Duidelijk is volgens veel profetie-uitleggers dat Ezechiël 38 en 39 samen een tweeluik vormen en nog onvervulde profetie is. Dit zal uiteindelijk op iets geweldigs uitlopen, op iets dat blijvend is voor Gods verbondsvolk Israël: ‘En Ik zal Mijn aangezicht niet meer voor hen verbergen, …’ (Ezechiël 39:29a).

Wat of wie is Gog?
Na de boodschap over het dal van de doodsbeenderen en de hereniging van Juda en Israël (Ezechiël 37), krijgt de profeet opnieuw een boodschap: ‘Mensenkind, richt uw aangezicht tegen Gog in het land Magog, de grootvorst van Mesek en Tubal; profeteer tegen hem, en zeg: zo zegt de Here HERE: zie, ik zál u, Gog, grootvorst van Mesek en Tubal!’ (Ezechiël 38:1-2). De NGB’51 en de HSV vertaalden ‘Ros’ met ‘grootvorst’ en ‘oppervorst’. Hij is de belangrijkste leider/aanvoerder van een militaire coalitie tegen Israël. De naam van deze vorst is Gog en hij komt uit het land Magog. Het lijkt dus om een aards persoon te gaan (1).
Veel Bijbelwetenschappers menen echter dat ‘grootvorst’ vertaald moet worden met: ‘vorst van Ros’. Zo hebben de Willibrord vertalers (1995) het ook vertaald. Dan is Ros meer dan een titel. Het is een eigennaam van een specifiek geografisch gebied, namelijk Rusland: ‘Mensenkind, richt uw blik naar het land Magog, naar Gog, de vorst van Ros, Mesek en Tubal. Profeteer tegen hem: “Zo spreekt de Heer GOD: Ik kom op u af, Gog, vorst van Ros, Mesek en Tubal”’ (vers 2-3, WV). 

Het middelpunt van Gods kompas
Israël is het centrum -de navel- van de aarde (Ezechiël 38:12b). Ten noorden van Israël liggen Syrië en Irak. In de Bijbel aangeduid met Assyrië (Assur). Hun leider wordt in de Bijbel ook wel de koning van het noorden genoemd (Jesaja 10:12 en Daniël 11:40) (2). Maar in Ezechiël 38 en 39 lezen wij over een vijand uit het uiterste noorden (de vorst van Ros). Deze vijandige aanvoerder moet daarom wel Rusland zijn (38:15 en 39:2). Rusland heeft in deze oorlog tegen Israël veel bondgenoten. Hun opmars zal daarom zeer beangstigend zijn, want er staat: ‘Dan zult gij optrekken als een opkomend onweer; gij zult zijn als een wolk die de aarde bedekt, gij met al uw krijgsbenden, en vele volken met u’ (Ezechiël 38:9).


Een invasie uit het noorden 
Welke bondgenoten dit precies zijn, is niet exact zo eenvoudig te zeggen. Daarbij wetend dat er in de loop van de geschiedenis geografische wijzigingen zijn geweest. Desondanks kunnen wij ons een goede voorstelling maken om welke landen het zal gaan (Ezechiël 38:2-6). Met Ros wordt waarschijnlijk dus Rusland bedoeld. Magog is het zuidelijke deel van de oude Sovjet-Unie: de Kaukasus, Centraal Azië en mogelijk Afghanistan. In The Scofield Study Bible en de Septuaginta (LXX) worden de steden Mesek en Tubal vertaald naar Moskou en Tobolsk (vers 3). Maar sommigen menen dat met Mesek en Tubal Turkije wordt bedoeld. 
De bondgenoten van Gog zijn Perzië, Kus en Put (vers 5, WV). Verder lezen we over Gomer en Beth-Togarma en al hun krijgsbenden en volken (vers 6). Perzië is het huidige Iran. Kus wordt over het algemeen geïdentificeerd met Soedan en Put met Libië. Maar het Bijbelse Put zou ook een toekomstige federatie van noordelijke Afrikaanse landen kunnen zijn. Volgens de Talmoed ligt Gomer in Germanië. Velen menen daarom dat met Gomer Duitsland of Oost-Duitsland wordt bedoeld. Beth-Togarma betekent huis van Togarma. Sommige Bijbelwetenschappers identificeren dit met Turkije. Robert de Telder vermoedt dat het om Wit-Rusland en/of Oekraïne gaat, omdat het door Ezechiël naast Magog in het uiterste Noorden wordt geplaatst.
Opmerkelijk is dat de bondgenoten van Gog veelal islamitische landen zijn.

Het doel van Gog en zijn coalitie
Het doel van de invasie is roven en plunderen. Hun motivatie is ongetwijfeld gebaseerd op hebzucht en verovering van land (Ezechiël 38:10-12). Zij menen deze klus te kunnen klaren, omdat Israël in die tijd in vrede en veiligheid woont; zelfs zonder beschermingsmuren. In deze tijd is dit nog ondenkbaar, vanwege de dreigingen uit Iran en de terreurdaden van Hamas en Hezbollah (de radicale islam).
De vraag natuurlijk is: Wat heeft Israël aan het einde der dagen schatrijk gemaakt? Wellicht door de olie- en gasreserves, die onlangs in Israël zijn ontdekt. Ook hebben de minerale bronnen van de Dode Zee een enorme schat van waarde.
Aanhangers van de radicale islam, zullen nooit vrijwillig de staat Israël erkennen. Ook dit kan een belangrijke reden voor hen zijn om een boze aanslag te beramen. Denk bijvoorbeeld aan de vreselijke gebeurtenis van 7 oktober 2023. Antisemitisme is overigens ten diepste een haat tegen de God van Israël (vgl. Psalm 83:3-6).

Rusland en Iran
Nergens in de geschiedenisboeken lezen wij over de vervulling van de profetie over de oorlog van Gog en Magog. Wij weten echter dat het profetische Woord vast en zeker is (2 Petrus 1:19). Voor Ezechiël lag de vervulling hiervan nog in de verre toekomst, dat is wel duidelijk (Ezechiël 38:8 en 16). Voor ons geldt dat nu niet meer. Het is opmerkelijk dat Rusland en Iran in deze tijd goede bondgenoten zijn geworden, zowel strategisch als militair. Het sjiitische Iran is ook een belangrijke sponsor van terroristische organisaties tegen Israël.  Al deze dingen maken Ezechiël 38 en 39 extra interessant en actueel. Verder zien wij dat Rusland, na de val van de Sovjet-Unie, (weer) een wereldmacht is geworden. Daarbij lijkt het er sterk op dat Poetin de oude Sovjet-Unie wil herstellen. Een grote bedreiging voor Europa en de NAVO. Overigens, de Bijbel spreekt daar niet over. We lezen namelijk dat God Gog en zijn bondgenoten naar de bergen van Israël zal doen uittrekken. Wanneer dit precies gebeurt, is niet zo eenvoudig met zekerheid te zeggen.

Verschillende zienswijzen
Er zijn verschillende zienswijzen wanneer de oorlog van Gog zal plaatsvinden. De volgende zienswijzen hierop zijn: 1. vóór de opname van de gemeente (een populaire visie), 2. aan het begin van de verdrukking, 3. in het midden van de verdrukking, 4. aan het einde van de grote verdrukking (bij de wederkomst van Christus), 5. ergens in het begin van het vrederijk, 6. aan het einde van het duizendjarig rijk.

De grote Regisseur
Belangrijk is dat we opmerken dat het God Zelf is Die Gog en zijn bondgenoten naar Israël doet optrekken. Hij is de grote Regisseur in het bestraffen van deze volken, om daarmee Zijn heiligheid en grootheid aan Israël en de gehele wereld te tonen. Er staat geschreven, dat God zegt: ‘Ik zal u Gog, …’, en: ‘Ik zal u komen halen, haken slaan in uw kaken en u doen uittrekken met uw gehele leger: …’ en verder: ‘Ik zal u komen halen en u voortdrijven, u doen optrekken uit het verre noorden en brengen op de bergen van Israël’’’ (Ezechiël 38:3, 4 en 39:2). Met als doel voor Israël en alle volken: ‘Zo zal Ik Mijn heerlijkheid onder de volken brengen, en zullen alle volken het gericht zien dat Ik voltrokken heb, en de hand die Ik op hen heb gelegd. Het huis Israëls zal weten, dat Ik de HERE hun God ben, van die dag af en voortaan’ (Ezechiël 39:21-22, vgl. 38:23). De verheerlijking van God onder Israël en de volken lopen parallel. Daarom geef ik mijn bescheiden voorkeur aan zienswijze nummer 4.

Wanneer vindt deze invasie plaats?
Deze oorlog valt dus mogelijk samen met de slag om Armageddon, aan het einde van de grote verdrukking (Openbaring 16:12-16). Dan komt Christus strijdend terug, als Koning der koningen en Here der heren (19:11-21, vgl. Ezechiël 39:17-20). Het komt sterk overeen met Zacharia 12-14. Met als hoogtepunt de verschijning van de Messias op de Olijfberg en de uitstorting van Zijn Geest: ‘Ik zal over het huis van David en over de inwoners van Jeruzalem uitgieten de Geest der genade en der gebeden; zij zullen Hem aanschouwen, die zij doorstoken hebben, …’ (Zacharia 12:10). In Ezechiël 39 staat namelijk: ‘En Ik zal Mijn aangezicht niet meer voor hen verbergen, wanneer Ik mijn Geest over het huis Israëls heb uitgestort, luidt het woord van de Here HERE’ (vers 29). Hij zal Zijn aangezicht niet meer voor hen verbergen. Wanneer? Tijdens het Messiaanse rijk, als het overblijfsel Hem als Messias heeft aangenomen.

Gods heiligheid niet meer gelasterd
Mijn conclusie is dan ook dat de oorlog van Gog en Magog niet de eerstvolgende gebeurtenis op Gods profetische kalender is. Wij verwachten veel meer de opname van de gemeente (1 Tessalonicenzen 1:10 en 4:16-17). We lezen duidelijk dat na de nederlaag van Gog en Magog de Naam van God niet meer gelasterd zal worden: ‘Ik zal Mijn heilige Naam bekendmaken onder Mijn volk Israël; Ik zal Mijn heilige Naam niet meer laten ontheiligen; en de volken zullen weten, dat Ik de HERE ben, heilig in Israël’ (Ezechiël 39:7).
Tijdens de grote verdrukking wordt Zijn Naam nog veelvuldig gelasterd. Ook bekeren de mensen zich niet van hun afgoderij. Als de Here Jezus is wedergekomen, zal dit geheel anders zijn. Dan moet elke knie zich voor Hem buigen. Ook zal er van oorlog geen sprake meer zijn. En iedereen zal ruimschoots kennis hebben van Gods Woord (Jesaja 2:2-5). Die heilsperiode zal Israël tot zegen en voorbeeld voor de wereld zijn (Zacharia 8:13). Dat is uiteindelijk Gods heerlijke plan met Zijn oogappel Israël. Geprezen is Zijn Naam!

Het Zoeklicht nr. 9-2025

Kanttekening: 
(1). Meestal gaat men ervanuit dat Gog een aardse heerser zal zijn, maar sommigen wijzen erop dat hij een demonische vorst is (vgl. Daniël 10:11-13 en Efeze 6:12). Mogelijk zijn beide van toepassing, zowel aards als bovennatuurlijk.
(2). Mijns inziens is de antichrist de koning uit het noorden (vgl. Jesaja 10:12, 14:4 en Micha 5:4-5). Die moeten we niet verwarren met Gog, want hij is de oppervorst uit het uiterste noorden (Ezechiël 38:14-15).